Amerika is een republiek die
wordt gevormd door 50 staten plus het district Columbia (Washington D.C.).
Het land is 228 maal zo groot als Nederland. Het aantal inwoners is zo
ongeveer 265 miljoen mensen. De States hebben meer dan 175 steden met
meer dan 100.000 inwoners waarvan New York, Chicago, Philadelphia,
Detroit, Washington DC, Miami, Houston en Boston de grootste steden
zijn. Amerika is een land van uitersten. De afstand van New York naar
Los Angeles bedraagt zo'n kleine 5000 kilometers. Er zijn honderden
overdekte winkelcentra in Amerika. Wolkenkrabbers kruipen de hoogte in
met 115 verdiepingen. Steden en dorpen zijn met het grootste gemak te
bereiken vanwege de uitstekende infrastructuur waar het gaat om het
wegennet.
Amerika is het meest geïndustrialiseerde land van de wereld. Alle
bedrijven in Amerika zijn in particulier eigendom, inclusief de
telefoonbedrijven en elektriciteitsbedrijven. Wel heeft de overheid in
veel gevallen een controlerende taak en heeft zij deze gecombineerd met
een pittige wetgeving.
Sommigen
beweren dat Columbus de persoon was die Amerika zou hebben ontdekt.
Niets is minder waar. Over het algemeen zal men vage antwoorden op deze
vraag krijgen maar één feit is zeker: de Aziaten waren er voor Columbus.
En wel 35.000 jaar geleden. Dit is ook wel logisch want toentertijd was
Amerika nog verbonden met Azië via een landbrug. Deze brug is nu
verdwenen in het water van de Beringstraat. Sommigen beweren dat
ongeveer 2000 jaar geleden de Egyptenaren, Europeanen, Japanners of
Chinezen al op dit continent waren. Echter dit wordt afgeleid uit enkele
dubieuze inscripties die gevonden zijn. De Ieren beweren dat één van hun
landgenoten met een zeilbootje de oversteek heeft gemaakt. Dit zou in de
6de eeuw zijn geweest. Maar niemand weet in hoeverre dit waar is en of,
als er al iemand is vertrokken, deze persoon ook aangekomen is. Wel zijn
er duidelijke aanwijzingen dat omstreeks het jaar 1000 een groepje
Noormannen de westkust van Groenland en een deel van de oostkust van
Noord-Amerika heeft bezocht. In L'Anse aux Meadows zijn sporen gevonden
van een kleine nederzetting die dit vermoeden bevestigen. Enkele jaren
geleden (1965) dachten enkele geleerden een landkaart te hebben gevonden
uit ongeveer 1440. Echter het bleek hier om een meesterlijke vervalsing
te gaan die in 1922 was gemaakt. In het jaar 1513 zette Juan Ponce de
Leon voet aan wal aan de oostkust van wat nu Florida is. Hij was een
Spaanse ontdekkingsreiziger.
In 1565 werd door de Spanjaarden de stad St. Augustine geschapen, de
oudste stad van de Verenigde Staten. Ontdekkingsreiziger Walter Raleigh
(Engels) zette voet aan wal in 1585 dit ter hoogte van wat nu North
Carolina is. Andere Engelse ontdekkingsreizigers waren het meer
noordelijke deel aan het verkennen. In het jaar 1607 werd in Jamestown
de eerste Engelse kolonie gevestigd. De kolonisten hielden zich bezig
met tabak die in de eindfase uiteindelijk werd verscheept naar Engeland.
De eerste blanke vrouwen kwamen 12 jaar later in Jamestown aan.
Overigens begon in datzelfde jaar de verscheping van negerslaven. Weer
een jaar later kwamen er via Holland enkele Engelse protestanten in
Amerika. Sinds die tijd kwamen er jaarlijks tienduizenden emigranten
vanuit Europa naar Amerika.
De kapitein van het Hollandse schip 'De Halve Maan' ,
Henry Hudson, voer in 1609 bij de huidige stad New York de naar hem
genoemde rivier op en eiste het gebied voor de Republiek der Zeven
provincies op. De eerste emigranten uit de republiek kwamen in 1624 in
deze kolonie aan. De naam van deze kolonie was Nieuw Nederland. En het
is al te raden: de hoofdstad werd Nieuw Amsterdam genoemd. In 1644
kwamen de Engelse kolonisten naar dit gebied en kregen zonder slag of
stoot de Nederlandse bezittingen in handen. Men doopte daarop Nieuw
Amsterdam om in New York ter ere van de Hertog van York. De kolonisatie
van hoofdzakelijk de oostkust kwam zeer snel op gang en nederzettingen
vlogen als paddestoelen uit de grond. De kolonies werden door
gouverneurs bestuurd. De gouverneurs werden benoemd door de Engelse
Kroon. De Amerikaanse kolonies kregen een regeringsapparaat dat gelijk
was aan dat van Engeland. Er bloeide een enorme handel op tussen de
Amerikaanse kolonies en Engeland. Omstreeks midden 18e eeuw woonden er
al zo'n 1,2 miljoen Europeanen in de Nieuwe Wereld. Problemen met
belastingen die moesten worden betaald, bijvoorbeeld voor de
financiering van de Engelse oorlogen die werden gevoerd, zorgden voor de
eerste pogingen om los te komen van Engeland. Echter de reactie van
Engeland was het sturen van een legertje huurlingen die de kolonies
moest onderdrukken. De strijd die daarop volgde zorgde ervoor dat alle
dertien kolonies zich onafhankelijk verklaarden op 4 juli 1776. Dit is
de Declaration of Independence. Dit had tot gevolg de directe oorlog
tussen Engeland en de Amerikaanse Kolonies. Dit werd de Amerikaanse
Vrijheidsoorlog. Na deze oorlog, die duurde tot 1783, erkende Engeland
de onafhankelijkheid van de Amerikaanse kolonies. In 1787 werd de
Amerikaanse grondwet aangenomen (Constitution) en twee jaar later werd
George Washington de eerste president van de Verenigde Staten van
Noord-Amerika.

Desondanks hadden de Spanjaarden, Fransen en
Mexicanen nog een groot deel van het Noord-Amerikaanse land in handen.
Napoleon kon zich echter geen oorlog permitteren in de nieuwe wereld en
besloot in 1803 de stad New Orleans en omliggend grondgebied te verkopen
aan Amerika. Dit alles voor een bedrag van 15 miljoen dollar. Direct
daarop werden de Spaanse rechten over Florida overgedragen aan Amerika.
In de jaren die daarop volgden beleefde Amerika gouden tijden. Landbouw,
industrie en de handel bloeiden als nooit tevoren. Nieuwe steden en
dorpen werden gesticht en emigranten bleven toestromen. Er werden wegen
aangelegd en tussen 1830 en 1840 begon men aan de aanleg van een
spoorwegnet. Texas, dat voorheen bij Mexico behoorde, verklaarde zich
onafhankelijk in 1836. En krap negen jaar later werd Texas aan de
Verenigde Staten toegevoegd. In 1848 kon Amerika zich uitbreiden tot de
Stille Oceaan vanwege een verdelingsverdrag met de Engelsen. Dit
resulteerde in 1850 in de toevoeging van Californië. Deze zeer snelle
uitbreiding van jong Amerika had tot gevolg dat er binnen de natie
allerlei conflicten ontstonden. Zo gingen bijvoorbeeld de inwoners van
de steden eisen dat ze mochten stemmen. Dit was tot nu uitsluitend
voorbehouden aan grootgrondbezitters. De arbeiders richtten militante
vakbonden op om dit recht af te dwingen alsmede om betere
arbeidsomstandigheden te verkrijgen. De grootste conflicten ontstonden
echter door de negerslavernij. De slavernij was namelijk strijdig met de
in de Amerikaanse grondwet vastgelegde principes. Een van deze
principes was namelijk de gelijkheid van ieder mens. Steeds meer blanken
in het noordelijk deel van Amerika, waar slavernij verboden was, kregen
een afkeer van deze situatie.
De zuidelijke staten echter hadden door de slavernij te maken met een
bloeiende welvaart en men was daar geenszins van plan de slavernij af te
schaffen. Deze tegenstellingen leidden uiteindelijk tot de Amerikaanse
burgeroorlog die in 1861 begon. Deze vier jaar durende strijd kostte
honderdduizenden Amerikanen het leven. In 1863 kondigde de toenmalige
president Lincoln de vrijlating van alle negerslaven in Amerika af. Het
einde van de burgeroorlog was een feit toen in 1865 generaal Robert E.
Lee zich overgaf aan de opperbevelhebber van de noordelijken, generaal
Ulysses S. Grant.
Na de burgeroorlog begon men spoedig met de
wederopbouw van het zwaargehavende Amerika. In 1869 werd de eerste
coast-to-coast spoorlijn geopend. Door de ontdekking van goud in oa. de
staten Idaho, Colorado, Nevada, South- en North Dakota gingen duizenden
mannen en vrouwen hun geluk aldaar beproeven en lieten alles achter wat
zij bezaten. Het Wilde Westen lonkte naar hen. De uitbreiding naar het
Westen zorgde voor confrontaties met Indianenstammen. De Amerikaanse
regering sloot met veel indianen overeenkomsten. Echter de Amerikanen
schonden deze overeenkomsten net zo vlug als ze geschreven waren. De
kolonisten wilden zoveel mogelijk land veroveren en de regering deed
niets aan de gang van zaken. Vele bloedige confrontaties tussen
kolonisten en indianen waren daarvan het gevolg. De indianen werden
systematisch omgebracht tot generaal Custer in 1876 in Little Big Horn
in een hinderlaag liep en samen met zijn mannen werd afgeslacht door de
indianen. Dit resulteerde in het einde van bloedige confrontaties tussen
kolonisten en indianen. Echter de Indianenstammen werden bijeengedreven
in reservaten en verloren daarmee hun bezittingen en langzaam aan ook
hun identiteit. Dertig jaar na de burgeroorlog was Amerika één van de
grootste industrielanden van de wereld.
Deze industrie bracht trouwens ook nogal wat beroemde
mensen voort: Edison kwam in 1879 met de eerste gloeilamp; de gebroeders
Durey ontwikkelden de eerste benzinemotor voor auto's; Henry Ford liet
jaren later de eerste T-ford van de lopende band afrollen.