Stel
je even voor wat er gebeurt als chef-koks “rock-stars” zouden zijn. Ze
zouden hard en met veel gedoe optreden en een grote hoeveelheid
meezingend publiek hebben. Het tegenovergestelde zouden de biologische
boeren als ‘’rock-stars’’ teweegbrengen. Zij zouden meer in kleine zalen
optreden met hooguit 1 gitarist en weinig publiek. Maar nu is er een
nieuw soort ‘rock-star’ in Amerika aan de horizon gekomen: de jonge
slagers. Rock Star slagers zouden de rauwe, emotionele
aantrekkingskracht van een hardrock band hebben. Met swingende messen,
gespierde armen en heftig bezig met vlees. Deze metafoor las ik vorige
maand in één van de Amerikaanse kranten.
Slagers zijn namelijk
in! De laatste jaren is de belangstelling voor kwalitatief vlees met
smaak in opkomst. Er is steeds meer vraag naar het vlees van kleine
boeren, die niet bezig zijn met de kwantiteit van dieren maar met de
kwaliteit. Als er dan vervolgens een echte slager mee aan het werk gaat,
één die weet wat het verschil is tussen de schouder en de bil van het
varken, één die weet hoe je moet snijden, dan wordt het steeds
interessanter. Met zorg fokken en slachten.
Jonge mensen (mannen en
vrouwen!) in Amerika, meestal met een culinaire achtergrond, willen
tegenwoordig dolgraag het slagersvak leren van de weinig overgebleven 'old-fashioned'
slagers. Ze doen er alles voor om stage te lopen bij de traiteurslagers
of kleine slachthuizen. In grote steden als New York, San Francisco en
New Orleans zie je opeens kwaliteitsslagerijen te voorschijn komen. Hoe
communiceren ze dat ze er zijn? Natuurlijk op de moderne manier: via
Twitter en blogs! Zo twitteren ze bijvoorbeeld wanneer er 'cutting-demonstrations'
zijn, inclusief of exclusief cocktails en zelfgemaakte worstjes.
In San Francisco is
bijvoorbeeld Ryan Farm bezig zijn eigen slagerij 4504 Meat te
openen. In de aanloop naar de opening leert hij belangstellenden voor 75
dollar hoe je een varken van 40 kg moet ontbenen. Je krijgt ongeveer 6
kg vlees mee naar huis en geniet tijdens de workshop van het knapperig,
geroosterde varkensvel, Ryan Farms signature Chicharrones (stukjes
gedroogd varkensvel, die gefrituurd zijn en daardoor omkrullen; al dan
niet gekruid met bijvoorbeeld chilipoeder).
Toen het verpakte vlees
zo rond 1960 in de supermarkten kwam, verdwenen de echte slagers en
kwamen er ‘slagers’ die alleen nog maar vlees in plakken konden snijden
(even kort door de bocht gezegd). Vakkennis verdween door de nieuwe
manier van eten. Het werd veel makkelijker om het vlees, verpakt en al,
in de supermarkt te kopen. Maar de roep naar mindere hoeveelheden vlees
met meer smaak wordt steeds luider en langzamerhand begint het een en
ander te veranderen. Het gevolg daarvan is, dat je wel mensen nodig hebt
die weten hoe een dier in elkaar zit en hoe je deze moet slachten. De
vraag naar lokale producten stijgt en locale boeren hebben geen zin om
hun met zorg en liefde grootgebrachte dieren naar grote slachthuizen te
brengen. Ze willen weten dat het slachten ook op de goede manier
gebeurt. In Amerika hebben ze inmiddels rijdende slachthuizen (te
weinig, hoorde ik), die naar de boeren toekomen. Het is natuurlijk wel
logisch, dat als jij je best doet om je dieren in een zo goed mogelijke
omgeving groot te brengen, je ook wilt dat ze op de juiste manier
geslacht worden.
Ook voor de
restaurateurs geldt tegenwoordig, dat je er niet helemaal meer bij hoort
als je niet zelf vlees kunt ontbenen. Zo geeft Tamar Adler, die leerde
slachten in restaurant Farm 255 in de plaats Athens in Georgia,
nu zelf les. Ze heeft een website voor mensen die willen weten wat ze
moeten doen als ze bij de lokale boer een varken kopen. Als je
geïnteresseerd bent, moet je maar eens kijken op:
http://bamcsa.ning.com/
Ik lees en hoor
allerlei leuke verhalen over slagers die zich ergens vestigen. En dat
het niet alleen een mannenbusiness is, blijkt wel uit het feit dat
Melanie Eisemann in 2007, samen met Tia Harrison en Angela Wilson, het
idee kreeg om een slagerij te beginnen. Melanie (restaurateur) was al
jaren in de organic movement actief en tot die tijd vegetarisch.
Inmiddels eet ze humanely raised and
sustainable meat. Samen hebben de drie
dames (34 tot 37 jaar) slagerij Avedano’s in San Francisco. Voorin wordt
het ‘bekende’ vlees verkocht, en achter in de winkel kookt Tia de
lekkerste gerechten van de stukken vlees die wat minder bekend zijn. Ze
zijn de slagerij zeker niet begonnen om ‘rock stars’ te worden, maar om
de kleine locale boeren te promoten.
Een ander voorbeeld is
Adam Tiberio. Hij neemt in augustus Dickson’s in the Chelsea Market in
New York over. Hij heeft ervaring opgedaan in grote slachthuizen en
vlees klaargemaakt voor supermarkten, maar wil nu het echte werk doen.
Zijn ‘slagersidolen’ zijn de South American slagers. Ook vertelt Adam
dat hij op YouTube filmpjes bekijkt over het ontbenen van een varken,
bijvoorbeeld:
http://www.youtube.com/watch?v=HOookzk9aZ4&feature=related. Toen ik
dit filmpje bekeek waren ongeveer 56.760 mensen mij al voor geweest.
Rare wereld is het toch.
Joshua
en Jessica Applestone, eigenaren van Fleisher’s Grass-fed and Organic
Meats in New York, zijn zeer gespind om de kwaliteit van het vak hoog te
houden. Ze hebben al een aantal jonge mensen geholpen het vak goed te
leren en worden overstroomd met vragen van jongeren die gratis in hun
winkel willen werken in ruil voor les. Tegenwoordig doen ze het
gestructureerd: $ 10.000,- voor 6 tot 8 weken intensief les om het
slagersvak te leren. De studenten slapen in een Airstream trailer naast
het huis van de Applestone’s.
Pat LaFrieda, pas 35
jaar, is de derde generatie vleesleverancier. Hij levert toprestaurants
zijn super vlees. Als je het wil proeven kan je voor 26 dollar de
LaFrieda Black Label-hamburger (van eerste kwaliteit 'aged rundvlees')
bij de Minetta Tavern in New York bestellen. Ze hebben er overigens voor
16 dollar ook de basis Amerikaanse hamburger met frieten, enzo. Die is
misschien nog wel lekkerder, want voor mij hoeft een hamburger niet al
te ‘high-end’ te zijn. Ook Pat LaFrieda krijgt regelmatig verzoeken voor
stageplaatsen. Maar als je hem vraagt of deze ontwikkeling van ‘slagers
als rock stars’ goed is, antwoord hij negatief: “eerst moeten we de
kwaliteit van ons vlees verbeteren, dan kunnen de slagers aan het werk.
Een goede slager worden is a hell of a job!”
Wanneer wij
Nederlanders in Amerika een mooie steak of lekkere hamburger eten, dan
zijn we al helemaal overdonderd door de goede kwaliteit van het vlees.
Het kan dus alleen maar beter voor ons worden. Ik heb in ieder geval
geluk, want hier in Breukelen is twee maanden onze eigen ‘Rock Star
slager’ gekomen, kwaliteitsslager Sjaak Baatsen: jong, enthousiast en
uitbenen kan hij als de beste!

Nelleke
Als goede tegenhanger van al dat gepraat over vlees hierbij twee
vegetarische gerechten
Cake met Olijfolie ijs en frambozenjam (het is
abrikozenseizoen)
6 plakken cake
IJs
6 eierdooiers
1 cup (200 gr) suiker
2/3 cup (1,8 dl) olijfolie
3 cups (7,2 dl) melk
1 cup (2,4 dl) cream
Klop met de mixer de eierdooiers en de suiker tot een crème. Voeg nu
langzaam de olijfolie toe. Voeg de room en melk toe. En maak er met
behulp van de ijsmachine lekker ijs van. Je kunt het ook in de diepvries
maken. Dan moet je het ijs er regelmatig uithalen, omroeren en weer
terugzetten. Je kunt natuurlijk ook kant-en-klaar ijs kopen.
Abrikozenjam
1 kg abrikozen
450 gr suiker
1,25 dl water
Gekraakte abrikozenpitten van de abrikozen
1 tot 2 eetl. citroensap
Was de abrikozen en snijd ze doormidden. Verwijder en bewaar de pit.
Meng in een pan met stevige bodem het vruchtvlees met de suiker in het
water. Breng aan de kook en laat op zacht vuur doorkoken. Stop de pitten
in een handdoek en sla er met een hamer op. Doe ze vervolgens in een
stukje gaasdoek. Bind het vast en hang het zakje bij de pruttelende
abrikozen. Haal de pan, na ongeveer een half uur, van het vuur. Giet de
massa door een zeef en vang het vocht op. Doe de abrikozenmassa in een
schaal en giet er zoveel van het vocht (abrikozensiroop) op dat de
abrikozen net bedekt zijn. Roer er tot slot het citroensap door. Serveer
warm. P.S. 1. Je houdt een behoorlijke hoeveelheid siroop over. Ik heb
het in een flesje gedaan en gebruik het voor de meest vreemde dingen.
Door de sladressing, door een sausje bij vis, over vers fruit. Soms heb
ik ook geen idee wat het resultaat oplevert: gewoon proberen, wel eerst
met een klein scheutje beginnen natuurlijk. P.S. 2. Ik heb ook een paar
gekraakte pitten van de abrikozen niet gebruikt en die liggen nu te
ontkiemen in natte watten zodat ik ze in een potkan zetten. Of dat lukt?
Geen idee, ik heb niet zulte groene vingers.
Tomato-cucumber Gazpacho (een makkelijk te maken koude
soep, wel tijd nemen om te laten koelen)
6 middelgrote tomaten, in stukjes gesneden
2 blikjes groentesap (samen ca. 7 dl)
1 komkommer, in stukjes
I rode ui, in stukken gesneden
4 eetl. olijfolie
3 eetl. verse basilicum
3 eetl. (rode wijn) azijn
3 eetl. mayonaise
3 knoflooktenen, gepeld
3 theel. ansjovispasta
Zout en peper
Croutons en basilicum voor de garnering
Zet alles klaar en maak de soep in twee delen. De hoeveelheid tomaten en
komkommer is te groot om het in een keer te doen. Pureer de gehakte
tomaten, groentesap, 2/3 van de komkommer, halve ui, olie, basilicum,
azijn, mayonaise, knoflook en ansjovispasta in de keukenmachine tot een
gladde massa. Doe alles in een schaal en breng op smaak met zout en
peper. Zet de schaal minimaal 4 uur tot een dag in de koelkast om door
en door koud te worden.
Roer er voor het opdienen de rest van de komkommer en de ui door. Laat
dan nog eens 2 uur afkoelen in de koelkast. Garneer de soep naar keuze
met wat gehakte basilicum en croutons.
Verenigde Smaken van Amerika
Interesse gekregen in het boek van Nelleke van Lindonk? Het boek is
helaas niet meer verkrijgbaar in de boekhandel. Neem
contact op
met USA4ALL indien u een van de laatste exemplaren wilt
bemachtigen.
De Verenigde Smaken van Amerika N. van Lindonk
Alle recepten van Nelleke van Lindonk worden bewaard in ons archief.
Wilt u deze eens rustig doorkijken of er iets voor u bijzit kiest u
hier voor het
Archief. |